Press ESC to close

Vorig jaar meer stakingen in NL, maar er waren minder mensen bij betrokken


Het aantal stakingen in Nederland bereikte vorig jaar met 52 het hoogste punt in 50 jaar, blijkt uit cijfers van het CBS op de Dag van de Arbeid. In totaal gingen vorig jaar 142.000 werkdagen verloren door stakingsacties en waren er 17.000 arbeiders bij betrokken.

Dat is aanzienlijk lager dan in 2021 en 2020, toen er veel minder stakingen waren, maar er wel veel meer werknemers bij betrokken waren. En in 2019 mobiliseerden de 26 stakingen 319.000 mensen – het grootste aantal sinds het CBS begon met het verzamelen van de cijfers.

Ook dat jaar gingen 391.000 dagen verloren door stakingsacties.

De belangrijkste reden om te staken was onvrede over loon- en arbeidsvoorwaardenafspraken, aldus het CBS.

Niettemin bleek uit onderzoek van onderzoeksinstituut CBS en TNO eind vorig jaar dat 81% van de werkenden tevreden tot zeer tevreden was over hun secundaire arbeidsvoorwaarden en arbeidsomstandigheden, vergeleken met 77% in 2022. Daarnaast was 78% tevreden over hun salaris, een stijging van vier procentpunten ten opzichte van 2022.

De brutolonen stegen vorig jaar met gemiddeld 7%, de grootste stijging in 45 jaar, maar de lonen van mensen die onder een formele loon- en arbeidsvoorwaardenovereenkomst (CAO) vallen – zo’n 75% van het totaal – stegen met 5,9%. Het minimumloon steeg daarentegen met bijna 13%.

Het totale cijfer omvat ook hogere lonen die worden verdiend via promotie of een hogere loonschaal.

Het CBS heeft ook naar de loonontwikkelingen gekeken en geconstateerd dat ondanks de forse loonstijgingen van de afgelopen jaren deze nog steeds worden overtroffen door de inflatie.

Tussen 2010 en 2023 stegen de brutolonen met bijna 33%, maar de inflatie bedroeg 37,7%, aldus het CBS. En terwijl de inflatie de afgelopen drie jaar 17,3% bedroeg, stegen de brutolonen met 12,6% en de CAO-overeenkomsten met 11,4%.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *